Homilie LBK-kerstviering te Heverlee

Uitgesproken tijdens de kerstviering van de LandBouwKring in de Sint-Lambertuskerk te Heverlee

Lezingen:
Jeremia 23, 5-8
Matteüs 1, 18-24

In deze donkere dagen zijn we hier samengekomen om uiting te geven aan onze hoop. Het is nog geen Kerstavond. En toch kunnen we vandaag al een beetje Kerstmis vieren. Hoe komt dat? Omdat Kerstmis een gedenkende viering is. We denken terug aan de geboorte van Jezus. Die vindt niet elk jaar opnieuw plaats. Hij is toen, op die dag, op die plaats, in die cultuur geboren. En dat mogen we vieren, want het gaat om een uniek gebeuren, dat voor christenen geen equivalent kent: Gods Zoon komt wonen te midden van de mensen. Voor de religieuze gevoeligheden van de eerste eeuw was dat ronduit schandalig. Hoe kon God nu wonen bij wat Hij zelf had gemaakt en zelf bestuurde. Zoiets doet God toch niet? Ook voor ons, nuchtere mensen van de 21e eeuw is zoiets moeilijk uit te drukken.
Maar Kerstmis is ook een viering van vooruitblikken. We kijken uit naar de tweede komst van Christus, volgens de meesten nog veraf, volgens anderen weer rakelings nabij. Hoeveel mensen hebben zich niet mispakt aan een concrete voorspelling van de wederkomst van Christus, van het einde der tijden? En toch geloven christenen in die komst. Een komst die misschien veel meer geleidelijk dan plots gebeurt of zal gebeuren.
In die spanning tussen ooit (vroeger) en ooit (later) staan wij vandaag. Het zou ons kunnen afschrikken. Maar laten we onzekerheid inruilen door hoop.
De Schriftlezingen van deze viering bieden ons een hoopvol perspectief. In de profeet Jeremia horen we de belofte: God zal een wettige telg van David doen opstaan om zijn volk te bevrijden. Hij zal genoemd worden “de Heer, onze gerechtigheid”. En het evangelie van Matteüs verhaalde ons de vervulling van die belofte: Jozef verneemt in een droom dat het kind in Maria’s schoot zal beschouwd worden als zijn afstammeling. Jozef zelf was een afstammeling van David. Die Jezus zal zijn volk redden uit hun zonden.
In dit Bijbels perspectief mogen we dus besluiten: God houdt zich aan zijn beloften. Meer nog: het feit dat Jezus als redder uit de zonden wordt aangekondigd, als Immanuël, God-met-ons, maakt duidelijk dat God veel verder gaat dan wat Hij beloofd heeft. Meer nog dan alleen maar het sturen van een goed mens die de boel eens zal komen oplossen wil Hij zélf onder de mensen komen wonen. Meer nog dan even te tonen dat Hij ons nog niet vergeten is, wil Hij zelf een rol vervullen in het herstel van onze relatie met God.
Naar zo’n boodschap kunnen we elke dag opnieuw naar luisteren, vooral op die dagen dat we door de duisternis worden bevangen en moedeloosheid zich in onze harten nestelt.

Wat kan onze reactie zijn op deze boodschap? Velen zullen hun schouders ophalen en zeggen “so what?” en ze gaan gewoon door met hun leven. Dat sluit het beste aan bij de algemene sfeer van onze samenleving. Maar ik durf hopen dat onder ons ook mensen zullen zijn die dit kleine vonkje van hoop aanvaarden om er het vuur van hun eigen verwachtingen mee te doen branden. Natuurlijk zal je straks niet wildenthousiast huppelend de kerk verlaten. Natuurlijk ga je vanavond of morgen geen wonderen verrichten. Maar misschien kan je vanuit wat je in deze viering hoort en beleeft wel de kracht vinden om door te zetten en niet op te geven.
Iemand die dat met heel z’n leven heeft voorgedaan was Martin Luther King. Zijn woorden bieden we u straks ter overweging aan. Hij wist aan z’n gelovigen duidelijk te maken dat die profetische beloften geen holle woorden uit het verleden waren, maar nog altijd brandend actueel zijn.
Ook in jullie concrete leven is hoop onmisbaar om de spanning tussen verwachting en vervulling te doorstaan. Voor ieder van jullie is dit anders, studenten, professoren, familieleden en vrienden, buurtbewoners, ja voor iedereen… maar de kern is hetzelfde. Voor ieder van u, en ook voor mezelf, is hoop onmisbaar om verder te kunnen.
In de eerste plaats nodig ik u uit tot een houding van hoopvolle verwachting, van ontvankelijkheid. Een deel van de liederen die hier gezongen worden willen u meenemen in dat gevoel. De andere liederen brengen ons al in de goede sfeer voor wanneer die beloften vervuld zijn of zullen zijn. Want dan zal dankbaarheid het meest passend zijn. Misschien zal ons enthousiasme dan zo groot zijn dat we gehoor zullen geven aan het slotlied: Go tell it to the mountain.
Wanneer we mogen ervaren dat Jezus in ons midden is, verborgen in ons samenzijn, in de woorden die hier gesproken worden, in de tekenen van brood en wijn, dan kunnen we er achteraf ook niet over zwijgen: dan kunnen we die blijde hoop ook doorgeven aan andere mensen.
Dat is wat ik u toewens: dat de hoop in u brandend mag blijven, ook in de diepste duisternis, zodat anderen zich aan dat licht in uw hart kunnen komen warmen en troosten. Zo wordt Kerstmis méér dan een feest van pakjes en bomen, ja: een feest van blijdschap en dromen. Amen.

2 Reacties tot “Homilie LBK-kerstviering te Heverlee”


  1. 1 Koen vrijdag 21 december 2007 at 0:13

    En het was een prachtige viering, en een mooie homilie!

    Merci Vincent!!!


  1. 1 Jaaroverzicht 2007 « De blog van Vincent Trackback op dinsdag 1 januari 2008 at 0:24

Reageer




c

Bezoekers:

  • 51,629 pageviews

Archief