Op zaterdag 7 november 2009 mocht ik in De Brink te Herentals voorgaan in de eucharistieviering tijdens Trainingsdagen I, een opleidingsinitiatief voor nieuwe KLJ-leiding. De werkgroep K van provincie Antwerpen, waar ik lid van ben, had een mooie en sfeervolle viering voorbereid. Dit is de homilie van die viering.
lezingen:
1 Kor 12, 12-27 ‘Eenheid in verscheidenheid’
Joh 17, 20-… ‘Mogen zij één zijn’
homilie:
Hine(y) ma tov u’manayim
Shevet akh-im gam ya-khad
Je krijgt niet elke dag Hebreeuws te beluisteren, zeker niet op popmuziek… en dan nog te denken dat deze tekst al meer dan 2400 jaar oud is. En toch heeft die oude tekst gelijk:
het is mooi en het doet deugd om samen te zijn als broers en zussen.
Daar gaat het in deze viering over, eigenlijk in elke eucharistieviering: we vormen samen een geheel. We horen bij elkaar. Mensen zijn niet gemaakt om alleen te blijven, maar om het geluk te vinden bij elkaar.
Maar natuurlijk is het niet altijd koek en ei. Waar mensen samen zijn wordt er “gemenst”: ergernis, jaloezie, uitlachen, pesten, maar ook onhandigheid en gebrek aan medemenselijkheid… allemaal heel gewone, menselijke, maar vervelende en vaak kwetsende situaties.
En dan heb je ook nog de karakters die botsen: de ene is ijverig, de andere wat passiever, de ene voert graag het woord, de ander zegt liever niet teveel, de ene kan je goed vertrouwen, de andere speelt graag roddelblad van dienst.
Je hebt mensen die snel actie ondernemen, die niet graag te lang over dingen nadenken. Anderen proberen vanuit hun intuïtie, hun gevoel, met de werkelijkheid om te gaan. En dan heb je nog de denkers, die het liefst alles zorgvuldig overpeinzen of graag filosoferen. Die zijn allemaal nodig. Wij zijn allemaal nodig. Ook al denk je wel eens: “die is eigenlijk nutteloos”, of misschien zelfs “ik ben eigenlijk nutteloos”: je bent er, je hebt een rol in deze wereld. Om te beginnen in de KLJ, anders zou je hier deze avond niet zijn.
In elke afdeling zou je de oefening van de fiets kunnen maken: wie zijn de trappers, diegenen die zorgen dat de boel in gang blijft? Wie is de rem? Dat is de voorzichtige, ofwel de passieve. Wie is de bel? Wie maakt er het meeste lawaai? Of wie waarschuwt voor risico’s? Wie zijn de lichten? Wie denkt nog eens goed na over wat er besloten moet worden en probeert alles vanuit een nieuw perspectief te zien? Wie is het zadel? Bij wie kan je terecht om eens te gaan zitten en je hart te luchten? Wie is de bagagedrager? Wie zorgt dat niemand iets te kort komt? Of wie komt er op voor de zwakkere?
Zo doen we zoals Paulus, die de christengemeenschap vergelijkt met een lichaam, waar Jezus Christus het hoofd is en wij allemaal de verschillende ledematen.
De avond voor zijn kruisdood heeft Jezus volgens de evangelist Johannes intens voor zijn leerlingen gebeden, voor alle mensen die in hem geloven, dat ze één zouden zijn. Hij heeft voor ons gebeden dat wij zo’n hechte band met Hem en met elkaar zouden hebben als Hijzelf met God, zijn Vader heeft. Die band bestaat uit een liefde die zich aan geen enkele grens stoort, zelfs niet aan de dood. Dat is wat wij vieren als we eucharistie vieren: we gedenken hoe Jezus ons, in zijn leven, zijn dood en zijn verrijzenis, heeft willen tonen hoezeer God met ons verbonden wil zijn.
Vandaag vragen veel mensen zich af waar ze God moeten zoeken. In het christendom wordt die vraag omgedraaid: God is naar ons op zoek. Laten wij ons vinden? Zorgen we voor een gemeenschap, een KLJ, waar ruimte is voor God, waar Hij ons kan vinden? Dat kunnen we maar doen door ieder deeltje van het geheel naar waarde te schatten.
Misschien blinkt een remblokje van een fiets niet zo mooi als de bel… maar zonder dat blokje is de fiets niet meer veilig.
Ook God houdt van ons, mensen, zonder onderscheid. Hij wil elk van ons een plaats gunnen in deze wereld en zal ons ook na dit leven verwelkomen in zijn liefde.
Als Hij al zo van ons houdt… dan is het ook onze opdracht van onszelf en van elkaar te leren houden. Met vallen en opstaan, in lief en leed. Laat deze viering daarvan al een teken zijn, door het delen van het zelfde brood en door nu samen ons geloof te belijden.
0 Reacties tot “Twee banden maken nog geen fiets”