Posts Tagged 'hoop'

Homilie voor de 2e zondag van Pasen A


Precies 10 liturgische jaren na mijn priesterwijding (en 10 jaar en 7 dagen na diezelfde gebeurtenis) mocht ik voorgaan in de eucharistieviering in onze abdijkerk op Beloken Pasen, 23 april 2017. Om het eens niet enkel over geloof en twijfel bij Thomas te hebben, nam ik de eerste en tweede lezing als kapstok voor mij homilie.

 

Lezingen:   Handelingen 2,42-47
1 Petrus 1, 3-9
Johannes 20, 19-31

inleidingswoord:

Broeders en zusters, hartelijk welkom om samen de tweede zondag van Pasen te vieren. De vreugde om de verrijzenis van Jezus Christus en de barmhartigheid van God brengen ons hier vandaag samen. Deze zondag draagt namelijk naast “Beloken Pasen” ook te naam van “Zondag van de goddelijke barmhartigheid”. We zetten de viering van Pasen verder. De lezingen van deze zondag tonen ons de weg naar het geloof in de Verrezen Heer en hoe we dit in ons leven gestalte kunnen geven. In ons midden staan de Paaskaars en de doopvont de verwijzing naar het moment dat we zelf deel kregen aan het Paasmysterie van Christus. In deze Paastijd worden we door de besprenkeling met doopwater herinnerd aan dat doopsel, het moment waarop we herboren werden als Gods geliefde kinderen. Moge deze besprenkeling ons helpen om met groeiende geestdrift en een hernieuwd engagement onze levensweg op God te richten.

 

homilie:

Zusters en broeders, de beschrijving van de eerste christengemeenschap, die we zonet hoorden voorlezen uit de Handelingen van de Apostelen, is wellicht wat geïdealiseerd. En toch is ze in al haar eenvoud ook te lezen als de eerste leefregel van onze christelijke gemeenschap: trouw blijven aan het gemeenschappelijk leven, ijverig het brood breken (dat is: de eucharistie vieren), eensgezind zijn, onze bezittingen delen zodat er geen armoede is in onze gemeenschap, dagelijks trouw en eensgezind de tempel bezoeken, samen maaltijd houden in blijdschap en eenvoud van hart en God loven. In de kloosterregel van onze orde komen uitgerekend deze elementen ook naar voren als belangrijke steunpunten van het kloosterleven. In de loop van de eeuwen lijkt dit ideaal voor heel de christelijke gemeenschap doorgeschoven te zijn naar de “specialisten”. Deze Paastijd kan een mooie en zinvolle aanleiding zijn om onze eigenheid als christelijke geloofsgemeenschap opnieuw te ontdekken of uit te diepen.

Misschien zetten sommigen onder u zich al een beetje schrap met als gedachte “daar komt er weer één die zegt dat we meer moeten weggeven en uitdelen”. Mocht dat bij u het geval zijn, dan zou het overbodig zijn om die boodschap nog eens te herhalen. Dat laat ik dus voor uw eigen inzicht. Tenzij het delen over iets anders gaat dan geld of goederen. Mag ik u naar aanleiding van de lezing uit de Handelingen uitnodigen om in de komende week eens na te denken over op welke manier u uw geloof en uw leven deelt met uw medegelovigen en de andere medemensen? Mogen zij delen in uw vreugde, omdat Christus is opgestaan uit de doden en ook ons, door ons doopsel, nieuw en eeuwig leven schenkt? En als die vreugde een beetje onder het stof is geraakt: laat u het toe dat anderen die blijde boodschap in u weer tot leven wekken? Al was het maar door, zoals ik vandaag, met een paar gedachten de frisheid van dit alles in herinnering te brengen? Het is lente: alles in de natuur jubelt het uit in kleuren en geuren, want de doodse winter is overwonnen. Ook wij mogen jubelen, want de dood is overwonnen!

Over de evangelielezing hebt u in de voorbije jaren al heel wat boeiende en inspirerende gedachten gehoord. Dit jaar ga ik die bewust links laten liggen om nog eventjes stil te staan bij de tweede lezing uit de Eerste brief van Petrus. Want wat daar staat is geen klein bier. Eerst zegent Petrus God, de Vader van onze Heer Jezus Christus, die ons in zijn grote barmhartigheid deed herboren worden tot een leven van hoop door de opstanding van Jezus Christus uit de dood.

Daar staat het: misschien is dit wel één van de meest kernachtige samenvattingen van de band tussen Pasen en ons doopsel. In één zin. Petrus verzekert ons dat er voor ons een erfenis is weggelegd, die onvergankelijk, onbederfelijk en onaantastbaar is. Wat God ons geven wil, leven in overvloed, kan ons door niets afgenomen worden. Niets kan er iets af snijden of het bederven. Het is het puurste leven dat bestaat: het leven met en in God zelf. En daarom, schrijft Petrus, mogen we nu al juichen, ook al is het nu zo dat er lijden in ons leven is, beproevingen. Petrus beschouwt die beproevingen als een manier om ons geloof te bewijzen. Persoonlijk weet ik niet of ik er ooit in zal slagen om het lijden dat mijn medemensen en mij overkomt te zien als een soort examen, een test voor mijn geloof. Want juist in die beproevingen heb ik God zelf het hardst nodig. Net wanneer mijn geloof het kleinst en het zwakst is, heb ik het harder nodig.

Aan het einde van de lezing, hoorden we drie zinnetjes die naar mijn gevoel de band leggen met wat Thomas en Jezus uit te klaren hadden in het evangelie. Christus hebt gij lief zonder Hem ooit gezien te hebben. In Hem gelooft gij, ofschoon gij Hem ook nu niet ziet. Hoe onuitsprekelijk, hoe hemels zal uw vreugde zijn, als gij het einddoel van uw geloof, uw redding, bereikt. Ook al is ons geloof nu soms een onzeker tasten in het duister, we mogen hopen en vertrouwen op de belofte dat onze vreugde ‘hemels’ zal zijn. Door ons geloof en door ons doopsel zijn wij een verbond binnengegaan met God, die altijd zijn beloften houdt. Moge die bron van vreugde, vertrouwen, hoop en liefde onze kracht zijn, alle dagen van ons leven. Amen.

Advertenties

Homilie voor de 3e zondag van de advent A


Deze zondag ging ik in onze abdijkerk voor in de eucharistieviering. Deze woorden sprak ik er uit:

lezingen:
Jesaja 35,1-6a.10
Jakobus 5,7-10
Matteüs 11,2-11

gezangen:
Introitus: Gaudete
Alleluia: Excita Domine potentiam tuam
Ber. gaven: Rorate Coeli

openingswoord:

Broeders en zusters, welkom in deze eucharistieviering. Zoals de kaarsen op de adventskrans aangeven is het de derde zondag van de advent. Het licht begint te groeien, de verwachtingen stijgen. Het beeld van de vervulling van Gods beloften wordt steeds duidelijker. Dit is de tijd om ons daarvan bewust te zijn en aan de kant te zetten wat de komst van de Heer in ons leven belemmert. Daarom willen we ook aan het begin van deze viering vragen om barmhartigheid.

homilie:

Broeders en zusters, in het openingslied zongen we ‘De Heer is nabij. Wees onbezorgd. Laat al uw wensen bij God bekend worden in gebed en smeking.’ Dit citaat uit de brief van de heilige apostel Paulus aan de christenen in Filippi werd vorig jaar nog op de derde adventszondag voorgelezen. Vandaag kregen we als tweede lezing een stukje uit de Jakobusbrief aangereikt: ‘Heb geduld tot de komst van de Heer’.

Wat zal de Heer ons brengen met zijn komst? De profeet Jesaja zegt het in prachtige woorden: ‘Woestijn en steppe zullen zich verheugen, jubelen en bloeien de dorre vlakte. Pronken zal zij met lelies, van blijdschap jubelen en juichen.’ Je kan zulke woorden natuurlijk letterlijk nemen, de woestijn in trekken en hopen dat daar op een dag bloemen zullen staan. De onheilspellende berichten over de opwarming van de aarde en de verwoestijning van de continenten lijken dat echter behoorlijk tegen te spreken.

Misschien hebt u, net zoals ik zelf trouwens, wel eens de ervaring gehad dat u zich zelf een woestijn, een steppe of een dorre vlakte voelde. Wie een tijd lang geen bloemen meer ziet bloeien in haar of zijn eigen leven, of er blind voor is geworden, stelt op de duur alles in vraag. De donkere schaduwen van de zwaarmoedigheid en de wanhoop verdringen het licht van het geloof, van de hoop, ja zelfs van de liefde uit je leven en zoals een door en door dorre grond snak je naar water, naar een teken van leven en toekomstperspectief.

Jesaja schrijft deze woorden aan de ballingen die naar Babylon weggevoerd zijn. Ook zij hadden het gevoel dat ze totaal uitgedroogd waren, als het op Gods liefdevolle ontferming aan kwam. Wat God door de profeet aan zijn volk belooft, is niet min: het ondenkbare zal gebeuren: wat woestijn was, zal een bloeiende tuin worden, blinden zullen weer zien, doven zullen horen, de stomme zal weer spreken, de lamme zal rondhuppelen als een hert. En vooral: er zal vreugde zijn. Intense, onstuitbare vreugde, die doet jubelen en juichen. Niet zomaar een beleefd applausje, of een gelukzalige glimlach. Nee: jubelen en juichen. Het uitroepen van geluk. Niet meer stil kunnen zitten van opperste vreugde. Dat is wat Jesaja belooft.

Kunnen we ons nog voorstellen dat God zoiets in ons leven teweeg brengt? Of misschien nog veel fundamenteler: zouden we het aanvaarden wanneer Hij zoiets probeert te realiseren? Wat staat er allemaal niet in de weg? Johannes de Doper kan voor ons een inspirerende figuur zijn om daar af en toe, maar vooral heel bewust mee bezig te zijn. Zijn rauwe en ruwe optreden schudde mensen wakker. Maar ook hij durfde twijfelen en vragen stellen. Wanneer Jezus aan Johannes’ leerlingen bijna dezelfde woorden meestuurt als de profeet Jesaja, is de boodschap niet mis te verstaan: het is begonnen! God heeft een begin gemaakt met de vervulling van zijn beloften.

Durven wij dat nog zien? Durven en kunnen wij in de komst en het optreden van Jezus ook iets zien aanbreken van de dageraad van onze eigen vreugde? Horen wij vanuit onze eigen situatie, die misschien ook een woestijnperiode doormaakt, in de verte de malse voorjaarsregens al aankomen? Kunnen wij het geduld opbrengen om dit te laten gebeuren zonder dat ons vertrouwen en onze hoop vervliegen?

Broeders en zusters, ik denk dat we elk jaar weer die opdracht mee krijgen van Jezus: ‘Gaat zeggen wat ge hoort en ziet.’ We praten vooral en graag over de negatieve dingen die er in deze wereld gebeuren. En die zijn talrijk en mogen nooit ontkend of geminimaliseerd worden. Maar we komen op die manier in een negatieve spiraal terecht, waarin geen plaats meer is voor goed nieuws, voor hoopvolle boodschappen. Net zoals Jesaja, Johannes de Doper, Jakobus en Jezus, worden wij allemaal geroepen om boodschappers te zijn van hoop, van Gods belofte dat zelfs de dorste vlakte weer bloemen kan dragen. We mogen vertrouwen, geduldig vertrouwen. En trouwens… niets verbiedt ons om af en toe zelf een gieter boven te halen en God een handje toe te steken.

In het Engels is er de uitdrukking ‘count your blessings’, tel je zegeningen. Je kan het ook hertalen als: ‘Tel de bloemen in je leven en vertel er over aan al wie oren heeft.’ De steppe zàl bloeien. Er zal blijdschap, gejuich en gejubel zijn. De Heer is nabij. Amen.
voorbede:

Zusters en broeders, laten we onze gebeden richten tot onze Heer, die komen zal om zijn volk te bevrijden uit de duisternis.

Om licht voor wie geen perspectief meer zien in hun leven
Om woorden van hoop voor wie doof zijn geworden voor het goede nieuws.
Om kracht voor wie moedeloos in zak en as is neergezeten.
Dat de Heer zijn beloften in vervulling brengt voor al onze medemensen in nood.
Laat ons bidden.

Om inspiratie en daadkracht voor onze medemensen die zich inzetten voor een wereld waarin armoede en kansarmoede verdreven worden.
In het bijzonder bidden we voor de medewerkers van Welzijnszorg.
Voor hulpverleners en vrijwilligers die zich inzetten voor daklozen, vluchtelingen en slachtoffers van geweld of discriminatie.
Laat ons bidden.

Om profetische durf, die ons aanzet tot een getuigenis van hoop en dankbaarheid.
Om waardigheid en fijngevoeligheid in ons handelen en spreken in de geest van Jezus, onze Heer. Laat ons bidden.

Om vrede en barmhartigheid voor onze dierbare overledenen.
Om steun en bemoediging voor onze zieken.
Om verhoring voor de intenties die ons werden toevertrouwd.
Laat ons bidden.

Heer, onze God, altijd zijt Gij bezorgd om ons geluk. Geduldig en getrouw bereidt Gij uw volk voor op de komst van de Heiland. Doorbreek onze onmacht, ontsluit ons hart. Dat wij onbevangen Hem herkennen die midden onder ons zal komen: Jezus Christus, uw Zoon, onze Heer. Amen.

 


Bezoekers:

  • 112,243 pageviews

Archief

Follow De blog van Vincent on WordPress.com

Voer je e-mailadres in om deze blog te volgen en om per e-mail meldingen over nieuwe berichten te ontvangen.

Doe mee met 2.215 andere volgers


%d bloggers liken dit: